Home

De laatste jaren is de interesse voor de ‘Klassieke Trial’ sterk toegenomen. En wel in trialwedstrijden zoals deze in de 50’er tot 70’er jaren verreden werden. Steeds meer clubs willen die wedstrijden graag houden, maar het is niet zo eenvoudig om deze wedstrijden van een constant en goed nivo voor de doelgroep uit te zetten.

Daarom zijn we in de zomer van 2008 gestart met het organiseren van Klassieke Trial-wedstrijden bij -en met- clubs die al een klassieke trialwedstrijd organiseerden of dit wilden gaan doen. Om een en ander te stroomlijnen en hanteerbaar te houden is Classic Trial Nederland (CTN) tot stand gekomen. Dit CTN bestaat uit vertegenwoordigers van de deelnemende clubs en enkele andere enthousiastelingen, met Stef van der Sluis als adviseur.

 Klik HIER voor de PDF-file

 

klassiekers

Pré’65         NSU                                    AJS                                 FN M13 450cc zijklep.                               Matchless 3GL

Het ontstaan van onze Klassieke Trial. Juli  2008

De eerste motorsport was de trial. Een eeuw geleden bestonden de meeste motorfietsen uit een frame en een motorblok, meestal nog zonder een versnelling en vaak ook nog zonder een koppeling. De straten in de stad waren vaak gemaakt met grote keien en daarbuiten waren het karrensporen, danwel wegen vol met gaten, wat voor de aandrijfriem en andere onderdelen een probleem kon zijn. Voordat de fabriek de motor verstuurde werd deze terdege getest op een ruig terreintje naast de fabriek. En zoals dat gaat; heb je twee dezelfde machines of twee dezelfde beroepen, dan is er competitie in Engeland. Dus op hun vrije dag gingen de testrijders bij elkaar testen wie de beste fiets had en/of het beste met de fiets overweg kon. Belangrijk was natuurlijk om te kunnen blijven rijden zonder vieze voeten te krijgen, ofwel geen hulp van duwen of voeten zetten. Vandaar trial, zijnde een proef of onderzoek. Vanaf het begin was trial een wintersport, -er is dan namelijk genoeg water- en reden de (grote) mannen van de race en de cross mee aan deze hoge-school-kunst der motorsport om hun motorbeheerstechniek te verbeteren.

De andere regel; dat het voorwiel vooruit moet blijven draaien, is tot in de zeventiger jaren gebleven.

alt

Twin-shock     Fantic                            Honda TL 125                          Ducatie                                             MZ


Klassieke Trial in Nederland

Reeds twee decennia lang worden in Nederland enkele klassieke trials verreden en nu blijkt dat zowel nieuwelingen, als ‘oude rotten’, hun motor wel uit het schuurtje willen halen als er voor hen maar geschikte wedstrijden uitgezet worden. Uiteraard moeten deze wedstrijden geschikt zijn voor oude motoren en moeten de non-stops ‘veilig’ en goed zijn met een constant niveau per wedstrijd en/of terrein.

Doordat de moderne trialmotor door de technische aanpassingen zo ontzettend veel verbeterd is, is de hedendaagse trialsport een fysieke zware sport -en meer een springsport- geworden.

Mede daarom is de belangstelling naar de ‘klassieke’ trials al enige jaren sterk aan het toenemen. Trialwedstrijden zoals deze in de 50-60er jaren verreden werden, namelijk met sturen en motorbeheersing tijdens het rijden van een parcours met natuurlijke hoogteverschillen.


alt

Pré’65  Trumph Twin 3T                  Ariel 5T                                  BMW R26                           Norton 16H


Ontstaan CTN

Omdat steeds meer clubs ‘classic trials’ willen organiseren, is er in 2008 door enthousiastelingen en vertegenwoordigers van een aantal trialclubs -met Stef van der Sluis als adviseur-, de organisatie Classic Trial Nederland (CTN) gestart. Deze organisatie wil de mensen enthousiasmeren om een zeer leuke en sportieve hobby te (gaan) doen, maar ook om de mensen die nog altijd een motor hebben staan, weer te komen rijden. De bedoeling is dat rijder en machine zich in principe niet kunnen of hoeven te blesseren en dat de trialsport de goedkoopste motorsport blijft, met in principe alleen poetsonderhoud.

Uitgangspunt van dit CTN is om mensen te enthousiasmeren om (weer) te komen rijden en te proberen voor elke deelnemer een leuke wedstrijd te verzorgen door het nivo van de wedstrijden onderling te regelen, waarbij een ieder op zíjn of háár sportieve nivo aan een “Klassement” kan deelnemen. Dit klassement wordt opgemaakt over de verreden wedstrijden in een seizoen.

Verder is het belangrijkste doel, gezelligheid en lekker bezig zijn.

Ook het onderlinge en sociale contact is belangrijk en dat gaat makkelijk door bijv. info-uitwisseling over: zelfbouw of replicabouw van trialmotoren, rijtechniek, sleutelen, motorverbeteren, onderdelen, historie of zelfs motoruitwisseling.

In het seizoen van 2010 hebben we 9 wedstrijden verreden op 8 locaties, waarvan die in Lochem, Rhenen, Nunspeet en Arnhem op natuurlijke terreinen. De wedstrijden in Rotterdam, Sleen, Apeldoorn en Maasbree waren op een trialterrein.

 

Voor wie zijn de CTN-trials bedoeld?

De CTN-wedstrijden zijn bedoeld voor;

- De trialrijders die het leuk vinden om te rijden met een klassieke motor van voor 1965 of motoren van gelijke constructie van voor 1965 (omgebouwde straatmotoren of replica motoren).

Zij kunnen met de moderne clubtrials niet (goed) meedoen, onder andere vanwege de lage grondspeling, het soms geringe vermogen, of gewoon omdat ze te zwaar zijn.

alt

Twin-shock        Moto Guzzi                                       Sawamaki                                    Gilera Strada               Yamaha XT 500

-  Veel voormalige twin-shock trialrijders, die hun oudere motor (vaak) nog hebben, maar om diverse redenen, niet meer aan rijden toekwamen, maar dat wel weer zouden willen doen, als er tenminste geschikte non-stops voor hen zijn. Zij komen nu veelvuldig naar de hen vertrouwde type wedstrijden. En ook hier zien we allerhande eigenbouw trialmotoren meedoen.

-  Ook mensen die niet meer met de moderne trials mee kunnen/willen doen, o.a. vanwege lichamelijke klachten met de vele en hoge hindernissen die fysiek nogal zwaar zijn.

-  En dan zijn er nog de beginners: mensen die nog nooit trial gereden hebben, maar dat wel eens zouden willen proberen op een oude of moderne motor, mede omdat de kans op blessures voor mens en machine bij klassieke trials zeer miniem is. Voor hen is het gebruik van de motor om te rijden nog het belangrijkst. Zij kunnen dit op moderne motoren doen, als ze bijvoorbeeld de kunst van sleutelen niet machtig zijn. (de Plezierrijders)

De non-stops (in het buitenland: Secties) hebben vier sporen of moeilijkheidsgraden, aangegeven met gekleurde pijlen. Het witte spoor moet door iedereen, die een motor over een zandpad kan sturen, te rijden zijn. Dan geeft het rijden tussen een linten, over bergen en door/langs kuilen voldoende kriebels, zonder dat het gevaarlijk wordt. De andere sporen lopen gradueel op, tot het nivo waarbij de motor eventueel op het achterwiel omgezet moet kunnen worden. Uiteraard is zijwaarts verplaatsen vanuit stilstand verboden en levert gelijk 5 strafpunten op, evenals achteruit rijden.

 

klassiek 2

Pré’65                 BSA B40,                        Kreidler,                          Royal Enfield (replica)                          Matchless 350 cc.

 

De klasse-indeling is nogal afwijkend.  Er is een aparte klasse-indeling per gewicht voor de motoren van voor 1965 (de Pré’65 motoren), dit omdat een veel zwaardere fiets nu eenmaal moeilijker omhoog en altijd veel sneller naar beneden wil. Dat wil zeggen dat; alle Pre’65 motoren van 120 kg en meer in een klasse zitten ongeacht de moeilijkheidsgraad die men rijdt. Evenzo is er een klasse voor de motoren van 105 tot 120 kg en de motoren lichter dan 105 kg. Daarnaast is er de Twinshock-klasse voor de motoren (die nieuw ontworpen zijn na 1965 en) die voorzien zijn van twee achterschokbrekers en geen schijfremmen hebben. Deze klasse is onderverdeeld naar moeilijkheidsgraad (kleur spoor). Als laatste de Plezier-klasse voor rijders met moderne motoren die graag klassiek willen rijden (ook alle sporen in één klasse). In totaal dus 8 klassen.

De rijder bepaalt zelf welke moeilijkheid van spoor hij rijdt gedurende een wedstrijd, dat is zijn eigen, gekozen moeilijkheid.

alt

Twin-shock   Bultaco en Greeves                  Montesa Cota                                 Yamaha TY 175                   Honda TLR200

Een klassieke trial wordt zodanig uitgezet dat de non-stops door motoren van voor 1965 (het tijdperk van omgebouwde zware straatmotoren) te rijden moet zijn. En wel zo dat de hoogteverschillen voor de motoren geschikt zijn. D.w.z. voor het eerste spoor geen belemmering voor de originele motoren met hun lage grondspeling terwijl dit tot grote hoogteverschillen kan gaan voor de goed geprepareerde motoren in het hoogste spoor.

Het vierde spoor moet te doen zijn voor twin-shockers en replica’s en natuurlijk de echte experts. Hier kunnen bomen als hindernissen zijn. Beton en dergelijke zijn als hindernis en afbakening in de non-stops in het geheel niet gewenst of toegestaan.

Enkele Feiten.

Classic Trial Nederland is (nog) geen club of stichting. Het is een ‘organisatie’ bestaande uit enthousiastelingen voor ‘Klassieke Trials’  en vertegenwoordigers van clubs, die een klassieke wedstrijd organiseren die meetelt voor het Klassement van CTN.

De non-stops worden gemaakt conform de 4 niveaus zoals deze voor het CTN-klassement gelden.

De club organiseert en zorgt voor de wedstrijd, controleurs en hebben hun eigen geldende huisreglementen.

Dit omhelsd vaak ook de banale regels van helmplicht, routeverkeer, etc. en het hebben van een Districtslicentie. Dit laatste is een soort verzekering die door de KNMV uitgegeven en verkocht wordt. De clubs moeten die kopen en deze dan weer aan de deelnemers doorverkopen. Een rijder die geen licentie heeft kan zichzelf en de organiserende club benadelen. Een licentie gaat per jaar van januari tot december en is geldig voor elk terrein van een club die aangesloten is bij KNMV en training of wedstrijden verschaft.

Klik HIER voor de PDF-file